Bestel nu het Oorlogsdagboek van Piet van Els: ‘Dorp aan de frontlinie’ voor € 14,50. Ga naar de bestelpagina door op de afbeelding te klikken. De bestelpagina opent in een nieuw venster.

Bestellen

Tevens te koop bij Ako, Bol, Bruna, Libris en uw plaatselijke boekhandel.

ISBN: 9 789462 548145
Aantal pagina’s: 104
Boektype: Paperback
Boekgrootte: Std. (13,5×21,5cm)

Reacties

  • “Ik ken er geen die zo minutieus verslag uitbrengen van een persoonlijke ervaring binnen het oorlogsgebeuren van 40-45.” (H.M.)
  • “Van Els was een literair talent. Ik heb de 104 blz. in een ruk uitgelezen.” (R.F.)
  • “Van Els is een man van stand. Een directeur die zich ook door de bezetter niet laat koeioneren. Dat blijkt uit zijn oorlogsdagboek, dat als boek is uitgegeven onder de titel Dorp aan de frontlinie.” (Dagblad De Limburger)
  • “Een indringend en persoonlijk verslag.” (De Maasgouw)
  • “Van Els beschrijft het allemaal, meestal nuchter en zakelijk, soms emotioneel. (…) Dorp aan de Frontlinie bevat meer dan voldoende waardevolle aanvullingen op en nuanceringen van het bestaande beeld om de uitgave te rechtvaardigen”. (Wim Moorman in ‘Info LGOG Kring Ter Horst’)

Lees hier de recensies.

Samenvatting

Piet van Els hield van september 1944 tot juni 1945 een dagboek bij waarin hij het laatste oorlogsjaar nauwkeurig en indringend heeft beschreven.

Een verhaal over hoe de Duitsers terugtrokken uit Noord-Limburg, maar vooral over twee hachelijke avonturen waarin hij en de rest van de familie terecht kwamen: zijn deportatie naar Duitsland om tewerkgesteld te worden, de beschieting van de trein waarin hij vervoerd werd en zijn ontsnapping.

En net een week weer thuis, moest de familie evacueren omdat Wanssum in de frontlinie kwam te liggen. Pas vier maanden later keerde de familie naar hun gehavende huis terug.

Fragment

Zaterdag 18 november 1944
Eindelijk begon door de spleten der wanden enig licht te dagen. De soldaat schoof de wagon open en de één na de ander mocht eventjes uit de wagon. De koude lucht stroomde binnen, het was wel eventjes verfrissend, doch al spoedig hulde men zich weer in een deken. De natte kleren waren enigszins aan de warme lijven opgedroogd. Enige mannen vroegen om water. We bevonden ons op het emplacement te Kaldenkirchen. Af en toe haalde een soldaat een fles drinkwater. Ik zelf had hieraan geen behoefte, enige eetlust had ik evenmin. Teneinde de verstijfde ledematen en de koude voeten enigermate te verwarmen trappelden en stampten allen door de wagon. De soldaten wandelden gewapend langs de trein, nauwlettend toeziende, dat toch niemand zich te ver zou verwijderen.

De novemberzon bescheen het licht beijzelde spoorwegemplacement. In onze nabijheid stond een door bommen geteisterde goederenloods. Een Feldwebel voerde in onze wagon een gesprek met mijn lotgenoten. Hij stelde ons in uitzicht, dat wij nu spoedig in Wuppertal zouden arriveren. Daar zou alle reisellende spoedig vergeten zijn. We zouden daar werkkleding en goede verpleging ontvangen. Onze positie zou dezelfde zijn als die van Duitse arbeiders. Ook gaf hij hoog op van Hitler en diens verdiensten voor de arbeider en voor Europa. Af en toe werd hij door ons onderbroken. Al spoedig was hij overtuigd van het nutteloze van zijn poging, om ons te doen geloven, “dat wij belangrijk konden bijdragen tot Europa’s en ook onze bevrijding”.

Het was nu tegen tien uur in de voormiddag van 18 november ’44. De locomotief begon te puffen en weldra reden we het station Kaldenkirchen voorbij en kwamen in het open veld. Overal langs de spoorbaan ontdekten wij diepe granaattrechters, het was duidelijk, dat deze spoorweg vele bomaanvallen had te verduren. De trein vorderde niet snel. Door de eventjes geopende deur van de wagon zag ik, dat we het station Breyell voorbij reden. We zullen naar schatting 7 à 8 kilometer (precies weet ik dit niet) voorbij dit station Breyell zijn geweest, toen de trein in open veld plotseling remde. Meteen hoorden we reeds het angstwekkende geluid van duikende ‘typhoons’.