Toespraak door staatssecretaris De Jager op het LOF-Congres ‘Fiscaal fatsoen’ op 21 september 2007.

Opening

Dames en heren,

Als ik hier 170 jaar geleden was geweest, had ik het hier niet makkelijk gehad. Ik zou u iets uit te leggen hebben gehad.

Er waren in die tijd namelijk extra hoge belastingen en accijnzen voor Limburg. En er was een jaarlijkse stijging van die tarieven met 9 tot 25%. Ik zou hebben moeten uitleggen waarom die belastingdruk gerechtvaardigd was: vanwege de kosten van de oorlog tegen België. De gedachte was: dan hadden ze maar niet aan de Belgische opstand moeten meedoen.

Dat waren andere tijden!
Een schoolvoorbeeld van fiscaal onfatsoen, zou je kunnen zeggen.

Het betalen van belasting is wel eens omschreven als ‘de prijs van het fatsoen’. Dat fatsoen is de maatschappelijke solidariteit, die je als burger ‘ koopt’ door de overheid in staat te stellen zijn maatschappelijke taken uit te voeren.

Fiscaal fatsoen vereist ook dat die transactie op een rechtvaardige en integere manier tot stand komt. Zowel van de kant van de overheid als van de belastingplichtige.

Horizontaal toezicht

Aan ‘rechtvaardig’ en ‘integer’ voeg ik toe: eenvoudig.

Al jaren zegt de belastingdienst: Leuker kunnen we het niet maken, wel makkelijker. Waarom is dat nodig?

De burger wordt steeds mondiger.

De taken van de overheid zijn, door onder andere de ontwikkeling van de verzorgingsstaat toegenomen. De druk op de overheid is verhoogd. De rechtsstaat blijft tegelijkertijd dezelfde hoge eisen stellen. De overheid komt tussen twee vuren te liggen: de eisen van de rechtsstaat en de vele eisen van mondige burgers.
Dat leidt tot twee, soms tegengestelde gevolgen: het regelsysteem wordt steeds ingewikkelder en bureaucratischer. En er ontstaan ook capaciteitsproblemen en handhavingstekorten.

Dit leidt tot een aantal veranderingen.

Zoals effectievere rechtshandhaving en de invoering van nieuwe vormen van regulering.

Het geheel van regels en wetten is soms enorm ingewikkeld geworden. Het is voor burgers en instanties vaak ondoorzichtig wat wel en niet kan. Het terugdringen van het aantal regels, de tegenstrijdigheid eruit halen en ze helderder maken is dan ook hard nodig.

Doordat burgers mondiger zijn, ligt de zorg voor het publieke belang niet meer uitsluitend bij de overheid. Daar hoort een coöperatieve en open manier van regulering bij. Er wordt een beroep gedaan op de eigen verantwoordelijkheid van burgers.

Als je een integere samenleving wilt organiseren, dan moet het eigen normbesef bij de burger het uitgangspunt zijn. De overheid kan bijdragen aan een cultuur waarin het samenleven centraal staat. En de overheid moet overtreding van regels aanpakken.

Minder regels, beter presteren en meer eigen verantwoordelijkheid van de samenleving.

Bij de Belastingdienst is het toezicht daarom ook in beweging. We gaan steeds meer toe naar een meer gelijkwaardige situatie, naar horizontaal toezicht.

Dames en heren,

Bij horizontaal toezicht gaat het om wederzijds vertrouwen tussen belastingplichtige en Belastingdienst. Het scherper naar elkaar aangeven wat ieders verantwoordelijkheden en mogelijkheden zijn om het recht te handhaven. En het vastleggen en naleven van wederzijdse afspraken. De onderlinge verhoudingen, en de communicatie tussen overheid en burger, verschuiven daarmee naar een meer gelijkwaardige situatie.

Burgers vinden ook dat handhaving van het recht ook een groot goed is. Horizontaal toezicht sluit daarbij aan, maar ook bij de eigen verantwoordelijkheid van die burger.

We hebben in de laatste jaren het een en ander gezien.
Bijvoorbeeld de boekhoudschandalen. Daardoor is bij beursgenoteerde ondernemingen de behoefte aan meer transparantie en maatschappelijke verantwoording groter geworden.
Ook bij middelgrote en kleine ondernemingen is er een verandering. In het algemeen kun je zeggen dat transparantie steeds meer als positief wordt ervaren.

Steeds zwaardere procedures en juridisering zijn niet de oplossing. De uitvoering van de controletaken wordt daardoor steeds duurder en hij roept meer ergernis op. De goeden moeten dan onder de kwaden lijden.

Als je het fiscale proces efficiënter en effectiever wilt uitvoeren, als je als belastingplichtige sneller duidelijkheid wilt over je fiscale positie, als je procedures van bezwaar en beroep wilt beperken tot alleen de zaken waar werkelijk een verschil van opvatting bestaat, dan kan dat, als Belastingdienst en belastingplichtigen samen optrekken.

Horizontaal toezicht biedt dus een uitweg.

Vertrouwen, samenwerking en transparantie zijn daarbij sleutelbegrippen.

Hoe pakken we dat aan?

Bij particulieren zijn we bezig om de vooringevulde aangifte te ontwikkelen. Ook dat is horizontaal toezicht: wij komen tot een aangifte en de belastingplichtige corrigeert zonodig, in plaats van omgekeerd.
Bij zeer grote ondernemingen doen we ervaringen op via convenanten.
In het MKB lopen er via brancheorganisaties een aantal pilotprojecten. We willen kijken of we daar problemen meer vooraf kunnen oplossen en toezicht meer samen kunnen uitvoeren.

Het resultaat is helderheid vooraf en geen gedoe achteraf.

Een ander spoor is samenwerking met fiscale intermediairen. Het is gelukt om een gezamenlijk controleprogramma te ontwikkelen.

Uiteindelijk ontstaat er een proces waarin het toezicht op een natuurlijke manier is ingebed.

De voordelen voor de belastingplichtigen zijn minder ergernis, direct duidelijkheid en minder rompslomp.

Samengevat wil horizontaal toezicht zeggen:

– Vertrouwen als uitgangspunt
– Transparant willen zijn
– Duidelijkheid geven
– Inzetten op kwaliteit vooraf
– Dubbel werk voorkomen.

Belastingplan

Dames en heren,

Ik wil u nu graag nog iets vertellen over het Belastingplan, dat dinsdag naar de Kamer is gegaan. U heeft er vast al het een en ander over gelezen.

Ook daarin komt het thema fiscaal fatsoen, op een andere manier terug.
Fiscaliteit dient naar mijn mening ook voor het stimuleren van gewenst gedrag. Niet alleen om geld op te halen. Het is mogelijk om maatschappelijke kosten in de prijzen te verwerken. Het milieu vervuilen kan heel goedkoop. Maar is niet fatsoenlijk. Als je maatschappelijke kosten met belasting doorberekent kun je een eerlijker prijs tot stand brengen. Ook zo is belasting de prijs van het fatsoen.

Ik kies daarom voor een verschuiving van de belasting op arbeid en winst naar het belasten van milieuvervuilend gedrag en consumptie.

Hoe willen we dat concreet maken?

Als staatssecretaris heb ik bij mijn aantreden drie speerpunten geformuleerd. Onderwerpen waarvoor ik mij in de komende jaren wil inzetten. Dat zijn:

– Fiscale vergroening
– Innovatief ondernemerschap, en
– Vereenvoudiging

Vergroening, omdat het klimaatbeleid wereldwijd bovenaan de agenda staat. We hebben meer dan ooit de verantwoordelijkheid om goed voor ons leefmilieu te zorgen. Belastingen kunnen daarbij een belangrijke rol spelen.

Innovatief ondernemerschap, omdat versterking daarvan van groot belang is voor de Nederlandse economie. Innovatie leidt tot vooruitgang. Het stimuleert creativiteit en vernieuwing en het is een manier, om de problemen van vandaag en de toekomst op te lossen.

Vereenvoudiging, omdat hoge administratieve lasten al jaren irritatie opwekken. En omdat de regels zo ingewikkeld zijn geworden dat ze moeilijk uitvoerbaar zijn.

Vergroening

Fiscale vergroening is het centrale thema van dit Belastingplan.

Bijvoorbeeld op het terrein van mobiliteit, brandstoffen en afval.

Mobiliteit

Met het vliegtuig naar Londen is soms goedkoper dan met de trein naar Groningen. Maar de schade aan het milieu door vliegverkeer is fors.
Een vliegbelasting zorgt ervoor dat milieueffecten tot uitdrukking komen in de prijzen van vliegtickets.

De vliegbelasting wordt geheven per vertrekkende passagier met een vliegtuig vanaf een Nederlandse luchthaven.
Het is geen brandstofaccijns geworden. Dat kan niet vanwege Europese regelgeving en internationale verdragen. Een belasting per passagier is wél mogelijk. Onder andere Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk kennen dit al.

Voor afstanden tot 2500 km en landen in de EU is het tarief 11 € 25, voor langere afstanden 45 €.
De heffing wordt opgelegd aan de luchthaven. Hij treedt in werking per 1 juli 2008.

Auto’s moeten niet alleen zuiniger worden, maar ook schoner.
En de vervuiler betaalt. De hoogte van de belastingen op auto’s gaat afhangen van de milieuprestaties van de auto. De belasting op vervuilende auto’s en auto ’s die veel brandstof verbruiken wordt verhoogd. Belasting op schone en zuinige auto’s verlaagd.

Het stimuleren van zuinige auto’s doen we door een intensivering van de bonus-malusregeling in de aanschafbelasting, de BPM. Zowel de bonus als de malus worden verhoogd. Het verschil tussen de maximale bonus en de maximale malus wordt bijna verdubbeld.

Daarnaast komt er voor zeer onzuinige auto’s een CO2 toeslag van euro110 per gram CO2 uitstoot, boven een bepaalde grens aan CO2 uitstoot.

Voor zeer zuinige auto’s komt er bovendien een halvering van het tarief van de Motorrijtuigenbelasting. Dat is in lijn met de verlaging van de bijtelling voor privégebruik van een zeer zuinige auto van de zaak.

Brandstoffen

Het tarief voor diesel gaat volgend jaar met 3 cent omhoog. LPG gaat omhoog met 1½ cent per liter.

Diesel is vergeleken met benzine een stuk vervuilender, terwijl de totale belastingdruk op diesel lager is. LPG is schoner dan diesel, maar gemiddeld vuiler dan moderne benzineauto’s. Sinds 1994 is de accijns op LPG nauwelijks verhoogd en hij is lager dan die voor diesel en benzine.

Afval

Producten worden vaak verpakt. Daar zijn goede redenen voor, maar er belandt wel dagelijks een flinke berg verpakkingsmateriaal in de vuilnisbak. We willen dat producenten beter nadenken hoe ze hun producten verpakken.

Daarom is er met ingang van 1 januari 2008 een verpakkingenbelasting.

De Verpakkingenbelasting past ook in het streven om milieuvervuiling in marktprijzen tot uitdrukking te laten komen. Hij kan bijdragen aan het terugdringen van de hoeveelheid verpakkingen. En hij draagt bij aan een verschuiving naar verpakkingsmaterialen die minder schadelijk zijn.

Want verpakkingsmaterialen gaan we verschillend belasten op basis van hun milieukenmerken, naar hoeveelheid en soort.

Om administratieve lasten te beperken, is het streven om het aantal belastingplichtigen zo klein mogelijk te houden. Belastingplichtig is de producent of de importeur van de verpakking of de verpakte producten. Door 2 procent van de bedrijven te belasten, kunnen we 95 procent van alle verpakkingen onder de verpakkingenbelasting brengen.

Dames en heren,

Vergroening voert in dit belastingplan duidelijk de boventoon.
De twee andere speerpunten, zoals ik aan het begin al zei, zijn innovatief ondernemerschap en Vereenvoudiging.

Ondernemers zijn met dit Belastingplan gebaat door verlaging van de lastendruk voor mkb-ondernemers met een vennootschap. Dat zijn meestal de mkb-ers met personeel.

De bovengrens van de eerste schijf in de vennootschapsbelasting gaat omhoog van 25.000 € naar 40.000 €. De grens van de tweede schijf gaat omhoog van 75.000 € naar 200.000 €. Daarnaast verlagen we het tarief van de tweede schijf met een half procent naar 23 procent.

Met ingang van 1 januari 2008 komt er nog een aantal andere wijzigingen ter vereenvoudiging van de WBSO. Bijvoorbeeld het maximale aantal mededelingen gaat omlaag van drie per kalenderjaar naar één.

Andere maatregelen op het gebied van innovatie en vereenvoudiging volgen in een volgend Belastingplan of in een apart wetsvoorstel.

Werken lonend

Eén ander belangrijk punt is nog onvermeld gebleven: het bevorderen van arbeidsparticipatie. Als je wilt dat mensen met twee benen in de samenleving staan, is inkomen en deelnemen aan het arbeidsproces heel belangrijk. Dat bevorderen we bijvoorbeeld door het inkomensafhankelijker maken van de arbeidskorting. De aanvullende combinatiekorting gaat fors omhoog. Dat maakt de combinatie van arbeid en zorg voor kinderen financieel aantrekkelijker.

Ik ben blij met het Belastingplan dat er nu ligt. Op het gebied van vergroening van het Belastingstelsel hebben we een forse stap gezet. Die stap volgt logisch uit het Coalitieakkoord. En we zijn zelfs nog een stap verder gegaan. Het is goed dat we die maatregelen in dit Belastingplan hebben gebundeld.

De belastingdruk verschuift meer van arbeid en winst naar belastingen op milieugrondslag. Dat betekent dat dit Belastingplan een sprong maakt in de vergroening van ons fiscale stelsel.

Fiscaliteit is er niet alleen om geld op te halen. Je kunt met belastingen aansporen tot ander gedrag. Door maatschappelijke kosten in de prijzen te verwerken. Dan kan de markt nog beter zijn werk doen. Dit Belastingplan laat zien hoe dat kan.

Slot

Dames en heren,

Ik heb u laten zien dat mijn, en uw favoriete beleidsterrein volop in beweging is. De samenleving verandert.
Beleidsprioriteiten van de overheid komen steeds meer tot uiting in fiscale wet- en regelgeving. Er is nog genoeg werk aan de winkel.

U zult daar misschien ook ooit aan bijdragen. Misschien kom ik u nog wel eens tegen op mijn ministerie. U weet wel, de enige werkgever waar niet alleen van je wordt verwacht dat je de regels kent, maar ook dat je ze bedenkt.

Dank u wel.

Verder lezen: