Op 1 oktober 1998 aan de Raad van de gemeente Horst.

 

Met vertrouwen werken gemeenteraad en college, samen met onze fusiepartners, aan de totstandkoming van de nieuwe ge­meente Horst aan de Maas. Ook de voorzitter van uw Raad ziet de voorgenomen herindeling als van groot belang voor gemeente en regio. Ik hoop van harte dat dit doel op 1 januari 2000 zal worden bereikt.

Ook voor mijzelf heb ik overwogen wat het overschrijden van die datum betekent. Het heeft tot mijn verbeelding gesproken na te gaan of een kandidatuur als burgemeester van Horst aan de Maas nog voor enige jaren van nut zou kunnen zijn. Het ligt immers in de rede dat een voorzitter met slechts een beperkte be­stuursperiode voor zich, goed werk zou kunnen verrichten, zijn ervaringen beschouwende als stuurgroepvoorzitter tijdens de invoegingsperiode.

Dit navragende 1) is mij gebleken dat het stellen van een derge­lij­ke kandidatuur, mijn leeftijd in aanmerking nemende, niet past binnen het “Sociaal Beleidskader Herindeling”. Mij rest bij realisering van de nieuwe gemeente, met ambtsrust te gaan.

Indien ik dan mijn jaren overzie bij Philips en het openbaar bestuur in Valkenswaard, Nistelrode en Horst, lokt mij dit perspectief weinig. Gewoon afwachten is wel een optie, maar zal moge­lijkhe­den voor latere activiteiten niet bevorderen.

Het is vanuit die overweging dat ik u meedeel op of kort voor 1 januari 2000 te willen terugtreden als burgemeester van de gemeen­te Horst, ook indien op dat tijdstip de nieuwe ge­meente Horst aan de Maas nog niet zou zijn gerealiseerd. Het werk voor de herin­deling is dan immers gedaan, wachten op effectue­ring komt aan de orde.

Ik deel uw Raad dit mede omdat ik mij in de komende tijd een beeld wil vormen van wat ik na genoemde datum zou kunnen doen. Tot mijn terugtreden blijf ik mij evenwel voor gemeente en inwoners zonder voorbehoud inzetten.

Ik had gehoopt u eerder van dit voornemen in kennis te stel­len. Voor­overleg met het ABP in juli en het antwoord op het daarna op 17 augustus geformuleerde verzoek de FPU te bereke­nen, heeft langer op zich laten wachten dan was voor­zien.

Ik heb de Commissaris der Koningin van mijn voornemen in kennis gesteld en hem gevraagd het in het voorjaar in te dienen verzoek tot ontslag, te gelegener tijd te willen door­ge­leiden.

 

w.g. drs. B. Fasol.

 

  • De Gouverneur heeft deze gedachte getoetst bij de Minister van Binnenlandse Zaken, de heer Hans Dijkstal.
  • Selectieprocedure (Bernheze!) en benoeming op 23.02.1999 van Harrie van de Loo tot gemeentesecretaris Horst en beoogd gemeentesecretaris van Horst aan de Maas.

 

Dit artikel is onderdeel van de in 2007 gepubliceerde bundel Late Haver.

Verder lezen: