Een bizarre brief van het Hoogheemraadschap van de Krimpenerwaard aan omwonenden over het windrecht van de molen Beneden-Haastrecht was aanleiding om bezwaar aan te tekenen. Naar aanleiding daarvan werd ik geïnterviewd door de Goudsche Courant.
– Peter Fasol

 

GOUDA – “Nadat ik de brief van het hoogheemraadschap over handhaving van het windrecht rondom de molen Beneden-Haastrecht had gelezen, heb ik een half uur stuiptrekkend van het lachten op mijn woonkamervloer gelegen.”

Enige overdrijving is Gouwenaar Peter Fasol niet vreemd. Hij raakt, met nadrukkelijke en iets gematigdere termen, niet uitgepraat over het schriftelijke verzoek dat het Hoogheemraadschap van de Krimpenerwaard onlangs aan circa driehonderd omwonenden van de molen stuurde. Daarin draagt het schap de mensen op hun bomen en struiken binnen twee weken tot een voorgeschreven maximum hoogte te snoeien. Wie weigert, kan die klus aan het schap overlaten maar krijgt daarvoor wel de rekening gepresenteerd.

Fasol meent dat in de volgens hem ‘te zwaar aangezette’ brief sprake is van pure bluf. Hij woont aan de Karel Lotsystraat aan de rand van Goverwelle, ongeveer 250 meter verwijderd van de molen aan de provincialeweg west tussen Gouda en Haastrecht. Het windrecht geldt daar binnen een straal van 400 meter.

“Het windrecht is een fenomeen dat voor dit gebied volkomen uit de lucht is komen vallen. Die molen staat er al sinds mensenheugenis en nu opeens gelden restricties voor de hoogte van groen. Ik begrijp werkelijk niet waarom.”

Aan generaliseren heeft Fasol een hekel. Toch rept hij over een groot aantal buurtbewoners dat net als hij verbaasd op de brief reageerde. “Zelf woon ik hier sinds 1998, maar mensen die hier al vijfendertig jaar leven hadden er ook nog nooit van gehoord. Wel over windrecht, maar niet dat zoiets ook hier gold. In geen enkele koopakte schijnt iets over windrecht te staan. Zelfs niet in de kleine lettertjes. Merkwaardig. Mijn huis wordt vast minder waard als er opeens zo’n restrictie op rust.”

Fasol vindt het ‘onnadenkend’ van het schap om de bewoners te dwingen hun bomen binnen twee weken (uiterlijk 22 maart, red.) te snoeien. “Als je dat nu doet gaan de bomen en struiken dood”, weet de Gouwenaar, “want de sapstroom is zojuist op gang gekomen.”

In de brief de het hoogheemraadschap zond, wordt melding gemaakt van een recente uitspraak van de Raad van State die, na bezwaren van twee omwonenden, stelde dat het windrecht – het recht op voldoende wind dat iedere Nederlandse molen heeft – daadwerkelijk mocht gelden. “Die uitspraak dateert al uit 2002 en is dus niks nieuws zoals het schap in de brief doet voorkomen. Het betrof een zaak van twee mensen die pal naast de molen wonen en die, ondanks herhaaldelijke verzoeken van het hoogheemraadschap, weigerden hun bomen te snoeien. Uiteindelijk kreeg dit duo ongelijk van de bestuursrechter. Maar het gaat mijns inziens veel te ver, om nu een windrecht voor zo’n groot gebied in te voeren.”

De Gouwenaar vraagt zich af of de bomen in zijn wijk het draaien van de molen belemmeren. “Volgens mij is er niemand die kan uitrekenen, wat de economische schade voor de molen is, als een boom in mijn tuin iets te hoog is. Daarbij komt dat veel huizen hoger zijn dan de maximaal toegestane lengte van groen. In het verleden had het schap dáár daar op moeten letten. Kennelijk zijn ze dat toen vergeten. Vreemd, want windrecht voor molens bestaat al eeuwen, volgens mij.”

De bewuste brief klopt volgens Fasol juridisch ‘voor geen meter’. “Nog afgezien van storende spelfouten en een onbegrijpelijke rekenformules (H=(x/n)+(c*z)) voor de hoogtebepaling van groen, wordt gesteld dat we binnen twee weken in actie moeten komen wegens het windrecht. Dat kan helemaal niet. Dit is de eerste keer dat we hier van horen, dus had zeker een bezwarentermijn moeten worden ingelast. Pas als die procedure is afgerond, mag je mensen tot iets dwingen en eventueel sanctioneren.”

De Gouwenaar, en met hem een aantal andere wijkbewoners, maken zich inmiddels zorgen over het Baden Powell-plantsoen, een parkje van de gemeente Gouda waar ook bomen moeten worden gesnoeid. “Ik vrees dat het daar vreselijk kaal wordt”, zegt een wijkbewoonster die niet met haar naam in de krant wil. “De bomen camoufleren een paar lelijke gebouwen. Straks is ons uitzicht verpest. En dat wegens een molen die doorgaans alleen op westenwind draait, terwijl wij in noordelijke richting wonen.”

Verschenen in Goudsche Courant, 13 maart 2004. Overgenomen met toestemming.

Verder lezen: