Toespraak gehouden door staatssecretaris Jan Kees de Jager op 16 april 2009 te Rijswijk.

Dames en heren

Rapport ‘Naar succesvol innoveren’ al via een ‘sneak preview’ doorgenomen. Erg interessant.

Mij viel de voetnoot op de naam van Henry Chesbrough. Professor aan Berkeley.

Toen ik nog ondernemer was, had ik de eer met hem te lunchen in Scheveningen. Zijn onderzoek spreekt me erg aan. Ik was daar erg van onder de indruk.

Chesbrough spreekt over “open innovation”. Ondernemingen moeten hun innovatiekracht niet alleen intern, maar vooral ook extern verwerven.
Ze moeten de markt op.
Met open vizier.
Naar buiten gericht.
Niet langer alleen maar broeden in de beslotenheid van de eigen R&D-afdeling, maar juist gebruik maken van de expertise van anderen.

Dit is de toekomst van innovatie. Want, de innovaters van de 21e eeuw zullen anderen zijn dan de innovaters van de 20e eeuw.

Waren het voorheen vooral GM en andere grote concerns die de innovatiekoers bepaalden.
In de overgang van de 20e naar de 21e eeuw speelden bedrijven als Microsoft en Cisco een hoofdrol.
En in het eerste decennium van deze eeuw zijn inderdaad bedrijven als Google de koploper.

Google begon in een studentenflat. Larry Page en Sergey Brin ontwikkelden daar hun internetzoekmachine die nu de meest populaire zoeksite ter wereld is.

En wie brengt nu een elektrische auto op de markt? Niet General Motors maar Tesla, een kleine start-up uit Silicon Valley.
Kleine en dynamische bedrijfjes zijn vandaag de dag cruciaal bij innovaties.
Zij kunnen snel handelen.
Zijn flexibel.
Kunnen onderzoeksresultaten zeer snel vertalen in diensten en producten.
Hebben korte lijnen.
Kunnen snel de markt op.

Ze zijn veel meer ‘agile’, hebben meer veel agiliteit en flexibiliteit dan grote ondernemingen. En kunnen dus ook veel sneller reageren.

Vandaag de dag is de combinatie van creativiteit en design een zeer belangrijke grondstof voor innovatieve diensten en producten. En niet langer alléén R&D.

Staat het grootbedrijf buitenspel? Zeker niet. Wel zullen grote bedrijven een andere rol moeten spelen. Meer samenwerken met kleine bedrijven. Neem Philips. Zij zoeken hun innovatiekracht niet alleen meer in eigen huis maar ook daarbuiten. Op de Techno-campus heeft deze multinational allerlei kleine bedrijfjes om zich heen verzameld.

Zo kunnen mooie innovatieve diensten en producten tot ontwikkeling komen op de spreekwoordelijke zolderkamer. De pareltjes van innovatie kunnen vervolgens de capaciteit, de marketing, de naamsbekendheid en het merk van de multinational benutten.

Ook kunnen grote bedrijven zelf ergens een “zolderkamer” creëren voor hun innovaters.

IBM zonderde een klein team of om in zeer korte tijd de PC te ontwikkelen uit het niet. Het was een tegenzet op de computers van Apple.

Dames en heren.

De Nederlandse economie draait om innovatie. Onze concurrentiekracht houdt rechtstreeks verband met ons vermogen om te innoveren. Innovatie ontstaat uit creativiteit. De compacte onderneming is de beste plek waar die creativiteit tot bloei kan komen.

Als ondernemerschap floreert, borrelt de creativiteit van Nederland.
Als creativiteit floreert, groeit de inventiviteit van Nederland.
Als inventiviteit floreert, bloeit de innovatiekracht van Nederland.

Ondernemerschap en innovatie gaan hand in hand. De kracht van ondernemers en de kracht van uitvinders is daarbij ontzettend belangrijk.

Voor ondernemers en uitvinders ben ik vandaag hier in Rijswijk aan het goede adres.

Wat kan ik als staatssecretaris van Financiën betekenen om ondernemerschap en innovatie te bevorderen?

In de eerste plaats wil ik de ondernemersmentaliteit stimuleren. Een van de bevindingen in het rapport richt zich daar op. Zo heb ik gelezen dat de Nederlandse cultuur niet gekenmerkt wordt door een voorliefde voor het nemen van risico. De Nederlandse mentaliteit stimuleert ondernemerschap niet voldoende.

Ten tweede kan ik als staatssecretaris van Financiën ons belastingstelsel zo inrichten dat innovatieve ondernemers gestimuleerd worden.

En ten derde moet de regeldruk omlaag. Minder regels, meer vertrouwen

Ondernemersmentaliteit

Heeft u zich wel eens afgevraagd waarom er in Amerika zoveel ondernemers zijn? Ik moet nu denken aan de keer dat ik een Amerikaanse ondernemer sprak over de reden waarom hij ondernemer was geworden. Hij zei: “Nadat ik drie keer door mijn baas was ontslagen, wilde ik wel eens wat meer zekerheid. Toen ben ik zelf maar een bedrijf begonnen.”

Zekerheid bereik je in de VS op een andere manier in dan in Nederland. De arbeidsverhoudingen liggen heel anders. Wees echter gerust, ik pleit hier niet voor een Amerikaanse arbeidsmarktsituatie.

Maar we kunnen wel iets aan mentaliteitsverandering doen. Onbekend maakt onbemind. Ondernemen moet ook in Nederland ‘gewoon’ gaan worden.

Zo ben ik zelf in mijn studententijd met een vriend gewoon maar begonnen. Lang niet iedereen in mijn omgeving vond dat verstandig. Ik had ook kunnen kiezen voor een mooie carrière bij een groot bedrijf.

Waarom deed ik het toch? De belangrijkste reden was dat het ons wel een leerzaam experiment leek. Het zat misschien ook wel een beetje in mijn natuur. Op de lagere school al ben ik begonnen met ondernemen. Ik kocht speelgoed in en verkocht dat weer.

Ondernemen was een leuke manier om de vrije tijd die ik als student over had op te vullen. Het is ook heel leuk om zoiets met iemand samen te doen. Dat het goed ging is natuurlijk fijn. Maar stel dat het minder goed gaat: nou en? Je hebt hoe dan ook heel veel geleerd, dat neemt niemand je af.

Kortom: wat betreft die mentaliteit, we moeten het gewoon doen, dat ondernemen. Wat kunnen we als overheid doen om die mentale barrière te slechten? We moeten dan de andere barrières wegnemen, zoveel als kan.
Ook al word je net zo nat als je er toch invalt: als de sloot minder breed is durf je er beter overheen te springen.

Daarom is het bevorderen van innovatief ondernemerschap een van mijn speerpunten. Dit kan langs twee wegen; fiscale maatregelen die vriendelijk zijn voor ondernemen en daarnaast door een aantal zaken fors te vereenvoudigen.

In mijn eerste Belastingplan heb ik de lastendruk verlaagd voor mkb-ondernemers met een vennootschap. Dat zijn meestal de mkb-ers met personeel.

In mijn tweede Belastingplan opnieuw een flinke slag gemaakt bij de bevordering van ondernemerschap.

  • Geen Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) meer aanvragen als zich gedurende drie jaar geen wijziging heeft voorgedaan.
  • De grens voor de kwartaalaangifte omzetbelasting omhoog. 50.000 ondernemers en dga’s gingen daardoor minder vaak aangifte omzetbelasting doen.
  • Door afschaffing WW-premie voor werknemers werd loonadministratie en de loonaangifte voor werkgevers ook eenvoudiger.
  • verhoging van de MKB winstvrijstelling en startersaftrek.
  • Het MKB tarief in de vennootschapsbelasting verder omlaag naar 20% voor winsten tot € 275.000. Lastenverlichting voor alle belastingplichtigen in de vennootschapsbelasting; en een groot deel van het voordeel slaat juist ook neer bij MKB-bedrijven.
  • Definitie van speur- en ontwikkelingswerk binnen de WBSO verruimd. Ook ICT-innovatie valt nu onder de WBSO.

Ik ben van plan om dit jaar de Successiebelasting te herzien. Vereenvoudiging, lagere tarieven, constructies aanpakken, dat is het doel. Daarbij hoort ook een flinke vereenvoudiging van de Bedrijfsopvolgingsregeling.

U ziet, ik zit niet stil.

Maar de huidige actuele economische situatie helpt natuurlijk niet echt. Dat is een extra reden om maatregelen te nemen die ondernemerschap bevorderen.

Fiscaal pakket

Het pakket aan maatregelen waarmee we de crisis te lijf gaan is bedoeld om de economie draaiende te houden. Het kabinet stimuleert de economie door investeringen in de arbeidsmarkt, onderwijs en kennis, duurzaamheid en innovatie, energie, infrastructuur en woningbouw en liquiditeitsverruiming voor het bedrijfsleven. We stimuleren de economie in de jaren dat dit noodzakelijk is. In 2011 zal, als de economie dat toelaat, een begin gemaakt worden met het herstel van de overheidsfinanciën. Daarnaast zijn er in het akkoord ook afspraken gemaakt over maatregelen die goed zijn voor de langtermijn houdbaarheid van de overheidsfinanciën.

In 2009 en 2010 hebben we 1,1 miljard euro beschikbaar om ondernemerschap te bevorderen. Wat zit er dan in dat pakket?

De maandelijkse btw-aangifte zetten we om in een kwartaalaangifte. In 2009 levert dat ondernemers wat betreft liquiditeit maar liefst 8 miljard euro kasvoordeel op. De kwartaalaangifte is een mogelijkheid: het hoeft niet. Als een ondernemer liever maandelijks aangifte blijft doen dan kan dat.

Verder mogen ondernemers voorlopige verliezen over 2008 nú al verrekenen. Dat levert ze bij elkaar 335 miljoen op. Het zijn eenvoudige en snel uitvoerbare maatregelen.

Om in het bijzonder innovatie te steunen verlagen we de loonbelasting voor R&D, de WBSO in overheidstaal, met 150 miljoen euro. Dat is goed voor zowel het innovatieve mkb als grote bedrijven.

Pakket Regeldruk

  • Kleine baantjes
  • Vereenvoudigde loonheffing
  • Geen jaarrekening (<10 werknemers en omzet < 1 mln)
  • Eigen verklaringen: MKB makkelijk in aanbesteding
  • NEN-normen lastenarm
  • Minder vaak uittreksel KvK
  • Versnellen bouwvergunning
  • Afschaffen exploitatievergunning (gemeente)

Zelf besloten

  • EDM
  • E-facturering
  • BTW Buitenland terugvragen

Dames en heren,

Innoverend ondernemerschap is dé succesfactor voor de Nederlandse economie. Al onze inspanningen moeten erop gericht zijn om ondernemerschap en innovatie te bevorderen. Dat is waar ik vanuit mijn verantwoordelijkheid voor de fiscaliteit een steen aan wil bijdragen. De fiscaliteit biedt daarvoor allerlei mogelijkheden, en ik heb u ervan een heel aantal genoemd. Deze kabinetsperiode gaat er structureel een half miljard naar innovatie in de fiscaliteit en één miljard naar ondernemerschap.

Een derde aspect wat nodig is, en dat is dan om de psychologie van een crisis het hoofd te bieden, dat is vertrouwen. Wie bij de pakken neerzit komt niet vooruit. Dat moeten we dus niet doen. Daar is ook geen reden voor. Er is geen reden om pessimistisch te zijn over ondernemerschap in Nederland. Zeker niet als we ons voortdurend blijven inspannen om de omstandigheden steeds maar weer te verbeteren. En over de noodzaak daarvan zijn we het allemaal eens.

En met Chesbrough in het achterhoofd laten we dat op een open manier doen.

Verder lezen: