Toespraak van minister De Jager bij de eerste slag van de herdenkingsmunt rond het thema: de strijd tegen het water, door Prins Willem-Alexander.

Koninklijke Hoogheid,
Dames en heren,

Nederland heeft altijd te maken gehad met aanvallen van het water. En altijd hebben wij ons verdedigd tegen het water.

Al in de prehistorie bouwden onze voorouders terpen om veilig te zijn tegen het water. En de eerste dijken werden ongeveer 1000 jaar geleden aangelegd in Zeeuws-Vlaanderen.

Dat is toepasselijk! Want wie denkt aan de strijd tegen het water, denkt al gauw aan Zeeland. Zoals de eerste dijken gebouwd werden in Zeeland, zo is ook het grootste dijkencomplex ter wereld gebouwd in Zeeland, na de watersnoodramp van 1953.

Sommigen van u weten misschien dat ik zelf in Zeeland ben geboren, op dat stuk Nederland dat we zo zwaar hebben bevochten op het water.

Ik ben geboren in Kapelle, in een gebied dat ook zwaar te lijden heeft gehad van de ramp van 1953. Dat gebeurde allemaal ruim voordat ik geboren was, maar mijn ouders maakten de ramp aan den lijve mee.

[…]

De strijd tegen het water is niet alleen de reden dat Nederland in geografische zin bestaat, zoals het er nu bij ligt. De strijd tegen het water is ook karaktervormend geweest voor de Nederlandse bevolking. We ontlenen onze identiteit deels aan het feit dat we hier wonen, doordat we de gevaren van het water hebben getrotseerd.

Daarom is het mooi en passend dat we, inderdaad ongeveer duizend jaar na de bouw van de eerste dijken, een herdenkingsmunt uitgeven rond het thema van de strijd tegen het water.

Het ontwerp van Esther Tielemans symboliseert die strijd op een heel mooie manier. Een zwart-wit-spiegeling in de kaart van Nederland die laat zien welk deel van Nederland onder zou lopen zonder waterkeringen. En een horizontaal gespiegelde beeltenis van de koningin, volgens dezelfde techniek ontworpen als een spiegeling in het wateroppervlak.

Het is mij daarom een groot genoegen – als minister van Financiën, als liefhebber van design en numismatiek, én als Zeeuw – vandaag van de eerste slag getuige te zijn.

Dank u wel.

Verder lezen: