Dankbaar blijven we voor het leven van Wilhelmina Maria Lommers. Zij werd geboren op 16 september 1903 te Bergeijk en sliep vredig in te Valkenswaard op 9 mei 2005.

Wij zullen aan tante Mien terugdenken met genegenheid en dankbaarheid. Een lieve tante die haar leven lang in de weer is geweest voor haar ouders. Ouders die, zoals zij zelf, een grote levenslust hadden en de leeftijd der zeer sterken mochten bereiken.

Ongehuwd gebleven, staat tante Mien altijd voor hen klaar. Even op school in Valkenburg, waar zij overweegt religieuse te worden. Maar uiteindelijk volgt zij haar vader en moeder vanaf de Kleine Broekstraat in Bergeijk, naar Ginneken op het landgoed Klein Wolfslaar (1916). Komt terug op Het Hof in Bergeijk (1921) en verhuist (1938) weer mee naar het prachtige Sweet Home in Neerpelt. Bijna 20 jaar later komen zij naar Valkenswaard en wonen in het grote huis aan de Luikerweg.

Daar vieren haar ouders hun 70-jarig huwelijksfeest. Onvergetelijk op die dag blijft voor haar het bezoek van bisschop Bekkers. Opoetje sterft er (1869-1962). Kempenhof wordt gebouwd, het mooie huis moet worden afgebroken en opa verhuist met tante Mien naar De Warande. Ze vinden er een hartelijke buurt. Zij kan er haar vader met liefde en groot respect verzorgen. Zijn leven (1870-1969) telt bijna 100 jaren als hij sterft. Tante Mien wordt nu het middelpunt van haar familie.

De bezoeken van haar neven en nichten zijn haar grote vreugde. En als ze over hen vertelt, zijn het altijd de goede dingen. Gevleugeld zijn haar woorden “hoe goed we allemaal staan!” En als het erg goed met ons gaat, is dat “werkelijk toppunt”. Haar manier van doen en goedlachsheid zijn voor velen een aansporing om haar te bezoeken. Met haar zus, die op de Vlasgaard en later op Taxandria woont, gaat ze dagelijks ter kerke en daarna buurten ze gezellig wat na.

Ten slotte wordt het stil op De Warande. Ze heeft zorg nodig en vindt die op Taxandria. Haar jaren blijven stijgen tot ruim 101. Langzaam wordt haar werkelijkheid vager. Wie haar bezoekt krijgt nog een vriendelijke glimlach. De pastoor brengt haar op 18 april de ziekenzalving. Die erbij zijn, mogen haar ook zalven en de hand opleggen. We kussen haar ten afscheid. Zo is ze vol vrede en zacht op een lentemorgen in mei teruggegaan naar de Heer.

Dankbaar zijn we dat ze bij ons was. Dankbaar zijn we ook voor haar lieve buurtgenoten, de respectvolle zorg in de verzorging en zeker ook voor alles wat Riek Weijers-Franken met grote genegenheid voor haar heeft beredderd.

En u allen die haar vandaag waardig uitgeleide doet, veel dank voor uw aanwezigheid en gebed.

Verder lezen: