Raadsvergadering van 15 oktober 1996.

 

De laatste mooie dag van deze herfst bracht veel mensen op de been. Sportlie­den, wande­laars of mensen die in de tuin werk­ten, zij beleefden de zondag van 13 oktober als een geschenk. De herfstlucht was mild en zacht. Je kon mijmeren over de voor­bije zomer, over het blad dat gaat verkleuren en de tak die gebro­ken wordt.

Ergens in Horst stonden op die dag mensen rond het ziekbed van onze collega Jan Hendriks. Een man die gekend was om zijn zorg voor zijn gezin en zijn medemens. Hij moest zich neerleg­gen bij een onmogelijke beterschap. De herfst van het leven eiste zijn tol. De tak, die aan ieder die dat nodig had, steun bood, verloor zijn buigzaamheid en brak.

Wij zullen ons Jan Hendriks herinneren zoals hij zijn plaats had in de kring der raadsleden. Daar, tussen Paul Geurts en Jos Weijs. Hij was zwijgzaam in het begin. Hij zocht in de raad en de raadscommissie welzijn naar onderwerpen en momen­ten waarop hij met kennis van zaken kon reageren. Hij deed dat met bewogenheid. Zelf besefte hij de meer­waarde die kon uitgaan van goede zorgvoorzieningen, toen hij eerder in zijn leven ten gevolge van een verkeersongeval geconfronteerd werd met een handicap.

Hij liet het niet bij mooie woorden alleen. Hij deed vrijwil­ligerswerk als bestuurder van de Zieken- en arbeidsongeschik­tenvereniging “St Lidwina” Horst e.o. en vervulde een advies­functie binnen het Arbeidsongeschikten Platform Limburg. Zijn verkie­zing als lid van deze raad voor de Socialistische Partij bood hem nieuwe mogelijkheden te ijveren voor het welzijn van zijn medemens.

Met pijn moest hij ons onlangs melden dat hij, ten gevolge van de hersenin­farct die hem geveld had, wilde terug­treden als raadslid. Hij schreef graag te willen blijven functi­oneren als lid van de raadscom­missie welzijn, zo hem de kracht daartoe gegeven werd. In overleg met zijn fractie werd in stilte een waardig afscheid van de raad voorbe­reid.

Dan opeens, op die laatste mooie herfstdag, wordt het stil bij degenen die rond hem staan. In de herfst van zijn leven wordt Jan een nieuw seizoen niet geboden. Het maakt ons triest.

We denken met respect terug aan deze eenvoudige en oprechte man. We denken aan de troost die zijn vrouw, zijn kinderen en kleinkinderen nu zo nodig hebben. Wellicht zal Jan daar zelf voor zorgen. De herinnneringen aan zijn zorg, zijn moed en zijn inzet blijven troostrijk voor die hem zijn toegedaan.

Ik verzoek u te gaan staan en in een ogenblik van stilte met dankbaarheid en respect terug te denken aan onze collega Jan Hendriks.

Dit artikel is onderdeel van de in 2007 gepubliceerde bundel Late Haver.

Verder lezen: