Toespraak van minister De Jager bij het Nieuwspoortseminar van de SRA: ‘Het mkb en het toekomstige belastingstelsel’. Hij sprak over een fiscaal stelsel dat ondernemers in staat stelt te excelleren en waarbij starters en doorgroeiers worden gestimuleerd.

Stelt u zich voor: de Nederlandse Atletiekbond zou, in een vlaag van grote mildheid, constateren dat het lopen van een marathon wel erg zwaar is. Dat je er eigenlijk wel heel erg moe van wordt en dat de spierpijn de volgende dag ook wel heel vervelend is.
Eigenlijk is het haast niet te doen. Het is al een grote prestatie als je hem uitloopt.

Daarom besluit de Atletiekunie dat de eerste 100 lopers die finishen in wedstrijden in Nederland voortaan allemaal een gouden medaille krijgen.
Een blijk van erkenning voor iedereen die die grote inspanning heeft gedaan.

Klinkt redelijk toch?
Wat denkt u dat het effect van die maatregel zou zijn?

Wat er zou gebeuren is dit: Atleten zouden zoveel trainen als nodig is om de marathon op redelijke snelheid uit te lopen. Aan de top zou het niet meer zo heel spannend zijn.
De echte strijd, de echte prestatie wordt dan geleverd door degenen die met moeite proberen bij de eerste honderd te komen. In het middenveld.

Dit zou een systeem zijn waarin topprestaties niet worden beloond, maar waarbij de meer middelmatige lopers wél zouden varen. De beloning wordt immers als beloning ervaren door de middenmoot: die moet het hardst werken voor de prijs.

Nu zou het kunnen dat we uiteindelijk aan dit systeem wennen. Als je het een tijdje zo doet, ga je het een normale gang van zaken vinden.

Maar we krijgen dan toch grote problemen.
Want wat denkt u dat er gebeurt als die atleten aan internationale wedstrijden mee gaan doen?

Daar zijn de prijzen alleen voor de winnaar.
Daar zijn de prijzen voor degenen die ontzettend goed zijn, én hebben geleerd dan nog een stap extra te zetten.
De internationale prijzen zijn voor de toppers.
En we hebben dan een Nederland niet een klimaat gecreëerd waarin goede atleten worden gestimuleerd om topper te worden.

Wees gerust, ik heb geen enkele aanwijzing dat de Atletiekunie dit overweegt. Het zal niet gebeuren.
Maar het gekke is, dat dit precies is wat er jarenlang in allerlei andere sectoren gebeurd is.

Bijvoorbeeld in het onderwijs. Door het systeem van loting kan iemand die een zes haalt ingeloot worden en iemand die een negen haalt niet.
En die prikkel vinden we helaas ook hier en daar in ons fiscale stelsel.

Dames en heren,

Wat mij betreft heeft de fiscaliteit een tweeledig doel.
Op de eerste plaats is het – kort en goed – het ophalen van geld zodat we onze publieke voorzieningen in stand kunnen houden. Scholen, wegen, ziekenhuizen, ze kosten geld, en we hebben ze nodig.

Maar als je geld nodig hebt kun je twee dingen doen: belasting heffen of geld verdienen.

En het geld verdienen wordt in de fiscaliteit nog wel eens vergeten.
Nederland verdient geld als onze economie soepel draait. En de motor van onze economie draait dankzij ons bedrijfsleven.

Daarom is vind ik dat de fiscaliteit een tweesnijdend mes moet zijn.
We moeten niet alleen geld ophalen, we moeten dat slim doen.
We moeten dat doen op een manier die bijvoorbeeld ondernemerschap stimuleert. Je kunt belasting heffen op een manier die ondernemers uitdaagt om de beste te zijn.
Om, als het goed gaat, door te groeien.
Om, als je innovatief bent, vernieuwend te blijven.
Om, als je winst maakt, nóg meer winst te maken.

Want daarmee kunnen we de internationale concurrentie aan. Zo bloeit onze economie, en wint Nederland die gouden plak.

Ik heb al heel vaak en op heel veel plekken verteld hoe belangrijk ik het vind dat de overheid ondernemers stimuleert om succesvol te zijn.

Daarom heb ik de belastingdruk voor MKB-ondernemers verlaagd tot 20% voor winsten tot 200.000 euro .
Daarom heb ik overbodige en te ingewikkelde regels laten verdwijnen.
Zoals de Eerstedagsmelding – een instrument van wantrouwen – die is afgeschaft.
Ander voorbeeld is elektronisch factureren. Dat is voor de belastingdienst geen probleem meer. Bedrijven sturen elkaar jaarlijks zo’n 500 miljoen facturen om de BTW te kunnen verrekenen. Reken voor de aardigheid alleen eens uit wat dat aan porto kost. Het volledig digitaal facturen leveren het bedrijfsleven een besparing op van naar verwachting 600 miljoen euro per jaar. Dan ga ik ervan uit dat ongeveer 50% van de bedrijven dan binnen een paar jaar gebruik van elektronische facturen maken.

En de Successiebelasting is fors verlaagd, ook voor ondernemers. De bedrijfsopvolgingsregeling is sterk vereenvoudigd.

Waar ik vandaag even bij stil wil staan is de fiscale prikkel voor starten, voor doorgroeien en voor meer winst maken.

De zelfstandigenaftrek legt een negatieve fiscale prikkel op het behalen van meer winst. De Zelfstandigenaftrek straft je eigenlijk met een hogere marginale druk als je winst toeneemt.

Ik wil deze negatieve prikkel omzetten in een positieve prikkel om meer winst te maken. Dit gaat niet ineens vanwege de inkomenseffecten. Daarom heb ik alvast de eerste stappen gezet.

Zo heb ik deze kabinetsperiode de MKB-winstvrijstelling verhoogd van 10,5% naar 12%. U weet: de MKB-winstvrijstelling stelt een bepaald percentage van de winst vrij van belasting.
Daardoor is de marginale belastingdruk op behaalde winst verlaagd. Op die manier wordt het maken van meer winst beloond. Een ondernemer die bijvoorbeeld een winst behaalt van 50.000 euro na toepassing van de ondernemersaftrek is sinds dit jaar voor de eerste 6.000 euro vrijgesteld; dat is 750 euro meer dan voorheen.

Bovendien kan de deeltijdondernemer tegenwoordig ook gebruik maken van de MKB-winstvrijstelling. Voorheen gold de voorwaarde dat voldaan moest worden aan het urencriterium. Je moest minimaal 1225 uur ondernemen om in aanmerking te komen. Die voorwaarde vervalt.
Het urencriterium voor de MKB-winstvrijstelling heb ik afgeschaft. Iedere hybride ondernemer en deeltijdondernemer heeft nu dus recht op de MKB-winstvrijstelling. Daardoor is het een stuk aantrekkelijker geworden om een onderneming te starten in deeltijd of naast een baan.

De zelfstandigenaftrek kan bovendien niet meer verrekend worden met ander inkomen, zoals loon of een VUT-uitkering. Zo komt de zelfstandigenaftrek meer terecht bij mensen die een succes maken van hun onderneming. De zelfstandigenaftrek gaat nu hand in hand met winstinkomen. Hij kan voortaan in de 9 daaropvolgende jaren alsnog verrekend worden met winst.
Dat betekent ook dat ondernemers met ander inkomen hierdoor voor de ondernemersfaciliteiten in een vergelijkbare positie komen als ondernemers die geen ander inkomen hebben.
Starters mogen nog altijd gedurende drie jaar de zelfstandigenaftrek verrekenen met ander inkomen. Dat stimuleert het starten van een onderneming vanuit een dienstbetrekking.

Ook wil ik innovatie stimuleren. Daartoe heb ik de WBSO en de innovatiebox verruimd.
De innovatiebox is de opvolger van de octrooibox, die veel beperkter was. De innovatiebox zorgt ervoor dat het belastingvoordeel over innovatieve winsten veel groter is geworden.
De grondslag in de innovatiebox is aanzienlijk verruimd.
Voortaan vallen alle winsten behaald met innovatieve activiteiten onder het lage tarief. Voorheen was het lage tarief alleen mogelijk bij winsten tot € 400.000. Het schrappen van het plafond maakt de innovatiebox nu óók aantrekkelijk voor software en bedrijfsgeheimen.
Het tarief voor de vennootschapsbelasting voor innovatieve activiteiten is verlaagd van 25,5% naar 5%.
En verliezen op innovatieve activiteiten zijn nu aftrekbaar tegen het normale tarief van 25,5% in plaats van het verlaagde tarief.

Zet daarbij de sinds dit jaar forse verruiming – met rond de 30% – van de Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. Met de Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek  oftewel KIA bevorderen we investeringen in het MKB.
De KIA is bedoeld om investeringen van een beperkte omvang te bevorderen. Daardoor is hij vooral gericht op het midden- en kleinbedrijf. Je hebt recht op KIA vanaf investeringen van € 2.200. Een maximale aftrek is voortaan mogelijk bij een investering van € 54.000 tót € 100.000.
Het plafond is verhoogd tot een investeringsbedrag van € 300.000.
Al met al betekent dit een flinke stimulans voor starters en doorgroeiers.

U weet dat we, als gevolg van de crisis, nogal wat veranderingen tegemoet gaan. Dat is nodig om concurrerend te blijven.

De Studiecommissie Belastingstelsel, onder voorzitterschap van de heer Van Weeghel – hier ook aanwezig –  is bezig geweest om te kijken naar ons belastingstelsel. Het gaat daarbij om kwalitatieve verbeteringen in het fiscale stelsel, niet om lastenverhogingen per saldo.

Ik ben uitermate tevreden over het werk van de commissie, en ik wil hier graag expliciet de heer Van Weeghel danken voor het vele werk dat is verricht.

De Studiecommissie heeft allerlei voorstellen gedaan, maar ik licht er een paar uit die interessant zijn als het gaat om de fiscale prikkel op groei.

De commissie heeft voorgesteld een vermogensaftrek in te voeren in zowel de inkomstenbelasting als in de VPB. Daarnaast is voorgesteld om de Mkb winstvrijstelling te verhogen naar 15%. De zelfstandigenaftrek kan dan langzaam verdwijnen. Om Ondernemers en dga’s meer gelijk te behandelen.

Ook deze voorstellen leggen de fiscale prikkel meer op groei. We gaan hier de komende tijd goed naar kijken.

Dames en heren,

Het doet me plezier dat ik bij deze gelegenheid nog een nieuwe maatregel kan aankondigen waar ondernemers baat bij zullen hebben.
Dat heeft betrekking op de elektronische aangifte voor Vennootschapsbelasting en Inkomstenbelasting voor ondernemers. Die maak ik een stuk eenvoudiger. De uitvraag van gegevens in de aangifte over 2010 wordt met ongeveer de helft teruggebracht.

Dat is onder andere mogelijk door de aangifte beter aan te laten sluiten bij de ondernemersadministratie. Zo hoeven ondernemers niet meer de gegevens van de commerciële jaarrekening in hun aangifte op te nemen. Dit betekent dat bijvoorbeeld gegevens over de inventaris, voorraadwaardering en onderhandse leningen niet meer hoeven worden ingevuld.

De nieuwe aangifte stellen we beschikbaar in het formaat van de toekomst: XBRL.
Maar voorlopig kan de aangifte ook nog in het bestaande XML-formaat worden aangeleverd.
Voor ondernemers die aangifte doen via een belastingadviseur – als die een convenant horizontaal toezicht met de Belastingdienst heeft afgesloten – wordt het nog gemakkelijker. Zij kunnen met nóg minder gegevens volstaan en kunnen een nóg kortere versie indienen in XBRL-formaat.

Dat was de actualiteit!
Ik sluit af.

Als Nederlandse ondernemers kunnen we niet tevreden zijn met een zes of een zeven. Dat is ook niet de ondernemersgeest.
De overheid bewijst ondernemers geen dienst met een fiscale architectuur die de middelmaat tot norm verheft.
Want daarmee redden we het internationaal niet.
Ondernemen is concurreren.
De overheid moet zorgen dat onze bedrijven daartoe in staat worden gesteld.
Wie wil ondernemen moet kunnen starten, wie start moet kunnen doorgroeien, wie doorgroeit moet winst kunnen maken, wie winst maakt moet kunnen investeren om nog innovatiever te zijn.

De opdracht aan de overheid is ervoor te zorgen dat dat kan. En dat ondernemers voldoende geld overhouden om te kunnen doorgroeien, investeren en innoveren. Want op die manier werken we aan meer werkgelegenheid en meer economische groei waar we allemaal van profiteren. En ik hoop dat ik daar een bijdrage aan kan blijven leveren.

Verder lezen: