Nu sinds 1 januari Estland is toegetreden tot de eurozone, is de discussie weer losgekomen: hoe moeten we al die landen onthouden?

Nederland bereidde zich voor op de komst van de euro met de grootste voorlichtingscampagne die de overheid ooit voerde. Met de beroemde pay-off  ‘De euro wordt van ons allemaal’ werden we door het ministerie van Financiën (onder de vlag van het Nationaal Forum voor de introductie van de euro) klaargestoomd voor de euro-overgang. Daar mocht ik vier jaar lang mijn steentje aan bijdragen (daar zal ik een andere keer nog eens over bloggen).

Eén van de tv-spotjes ging over de vraag: welke landen doen er mee. Dat waren er twaalf. Het reclamebureau Publicis, dat de spotjes produceerde, bedacht een ezelsbruggetje: DING FLOF BIPS, een absurdistische frase die met een absurdistische persconferentie in het filmpje werd gepresenteerd. Tijdens de voorbereiding was het nog even DIN FLOF BIPS: toen was nog niet duidelijk of Griekenland zou meedoen.

Eigenlijk moest er nog SMAV achter: ook San Marino, Monaco, Andorra en Vaticaanstad maken hun eigen euro’s. Ook Montenegro gebruikt de euro, maar dat land slaat geen eigen munten. Dus dat telt niet echt, vind ik.

Dat de reclamespot werkte, is een understatement. DING FLOF BIPS ligt nu, negen jaar later, nog op onze lippen gebrand. Dat bewijst bijvoorbeeld de discussie van nu, die door het Genootschap Onze Taal is losgemaakt.

In de tussentijd traden ook Slovenië, Slowakije, Cyprus en Malta toe. De vraag naar een passend ezelsbruggetje was in die periode eigenlijk veel prangender: geen klinker!

Estland biedt uitkomst. Met de E erbij kunnen we ze weer onthouden.

DING FLOF BIPS SMECS!

En de perfectionisten onder u kunnen er nog SMAV achter zetten.

Naschrift: op 7 januari werd ‘Sms ff bondige clips’ door Onze Taal uitgeroepen tot het nieuw euro-ezelsbruggetje.

Verder lezen: