Het volgende gedicht is het derde gedicht dat we van Leo opnemen in de Familiekrant. Op hun computer heeft Toos 7 gedichten aangetroffen die Leo in zijn laatste jaren -voor iedereen verborgen- geschreven moet hebben. Het nu volgende gedicht geeft een mooie beschrijving van hoe het er in de studiezalen van Rolduc in de eerste jaren dat Leo en ik daar zaten, aan toe kon gaan. De scène die beschreven wordt, moet plaats gevonden hebben in Leo’s eerste jaar op Rolduc. In die jaren brachten we 6 dagen van de week meer dan drie en een half uur verplicht in een van de studiezalen door, ieder op zijn eigen plaats, zonder één woord te mogen zeggen tegen medeleerlingen, alleen bezig met schoolwerk. Het kon heel beklemmend zijn, vanwege de strenge discipline die geëist werd.

Theo

De schreeuw in de studiezaal

In een studiezaal waar honderd jongens –  van twaalf tot veertien jaar – in gepaste stilte

hun ogen naar de boeken,

dus naar binnen keren, want

leren is jezelf van binnen bekijken, ad majorem Dei gloriam.

 

In een studiezaal, waar de surveillant in zwarte

toog met zwaaiende sjerp,

zijn ogen naar anderen wendt, want toezien op anderen

is je afwenden van jezelf.

 

In de studiezaal heerst orde en stilte, zie het reglement van de dag, want het is zoals het is:

onontkoombaar in 1947 op

de kostschool, zo vlak bij

de Duitse grens.

Plotseling oproer,

zij het van één rebel van dertien jaar:  hij mocht niet….. wat? Overleven

tegen de zwarte macht.

 

Er was geen studiezaal meer

voor de honderd jongens,

alleen die jongen en de surveillant.

 

Veertig jaar later zag ik die jongen op TV in een forum.

Het was geen gesprek, geen discussie, slechts professoraal machtsgeschreeuw

ten aanhore van honderdduizend kijkers.

 

Leo

Verschenen in Familiekrant Van Els, april 2005.

Verder lezen: