Tag Archives: literatuur

Oorsprong en betekenis van de naam Fasol (3)

  • Uit de serie: Oorsprong en betekenis van de naam Fasol 12 – 3 – 4

In veel etymologische woordenboeken lees je dat de betekenis van de naam Fasol samenhangt met de Duitse naam Fasolt of Fasold. Die naam komt uit de Dietrichsage, waarin een reus genaamd Fasold voorkomt. De familienamen Fasold en Fasolt komen vooral voor in Noord-Duitsland.

De reuzen Fasold en Fafner voeren Freia weg. Illustratie van Arthur Rackham uit 1910 bij Wagners ‘Das Rheingold’.

Het ‘Verklarend woordenboek van de Familienamen in België en Noord-Frankrijk’ [Debrabandere (1993)] vermeldt:
Fasol, Fasold, Fasoul, Fasoel, Fassold: “Germaans patroniem, Voornaam Fasold uit de (germ.) sage. Fasoul kan daar de romanisering van zijn, maar Romaanse -oul-namen gaan gewoonlijk op -wulf-namen terug, dus op Fasolf. Fasoel is de vernederlandste spelling.”
Het ‘Deutsches Namenlexikon; Familien- und Vornamen nach Ursprung und Sinn erklart’ [Bahlow (1967)] schrijft:
Fasold, Faselt, Vasold: “Ein Nachklang der marchenhaften Epik um Dietrich v. Bern (Tirol, Steiermark um 1200/1300), wo im mhd. ‘Ecken-Lied’ ein riesenhafter Jungling Vasolt (Bruder Eckes), urspr. Winddamon, von Dietrich besiegt wird.”
En in ‘Deutsche Namenkunde; unsere Familiennamen nach ihrer Entstehung und Bedeutung’ [Gottschald (1971)]:
Fasold: “Riese in der Dietrichsage, uberhaupt ‘Riese’. Vasold, Fasel(t), Vahsel (x Fasel), Faß(h)old, Vas(s)oll, Vasall”.

Een overzichtje van de alleroudste vermeldingen [uit Brechenmacher (1957); Bahlow (1967); Debrabandere (1993)] van deze naam (tot 1500) ziet er als volgt uit:
1135 Heinr. Vasolff (Keulen)
1257 Fasolt, civis de Judenburch (als voornaam, Steiermark)
1266 Fasold (als voornaam, Wetzlar)
1269 Fasold, Ingelheim
1274 Fasold (als voornaam, Württemberg)
1285 Vasoldus (Ravensburg)
1285 Fasold, Rostock
1348 Pex Vasold, Liegnitz u. Breslau
1367 Vasold de Elvingerode (Wernigerode)
1475 Nickel Faseld, Görlitz

Andere vroege vertegenwoordigers van oorspronkelijk Duitse families zijn:
- Paul Fasolt (Fassolt, Faszold, Pasold, Phassolth, Vaschollt), overleden 13 augustus 1549, correspondeerde met Joannes van Höfen, die schreef onder de naam Dantiscus)
- Caspar Fasolt, geboren in 1560 smid te Wirtzburg.
- Michael Fasoll, gedoopt te Lucka in 1625 als zoon van Lorentz Fasoll.
- Ferdinandus Fasoll, trouwt 7 juli 1658 in Wedinghausen (bij Arnsberg).
- Friedrich Vasoll, wiens dochter Sophie Louise Fasol gedoopt wordt te Eikel (Noord-Duitsland) in september 1797.
- Friedrich Vassoll, te Wesel, geboren op 30 december 1768.

Afgezien van de relatief nog talrijke families Fasolt en Fasold, is van deze families in Duitsland alleen een niet heel talrijke familie Vassoll overgebleven. De naam Fasol als afstammeling van deze voorvaderen is in Duitsland uitgestorven; ‘Fasollen’ die er nu nog wonen zijn van Italiaanse afkomst (en Oostenrijks, maar die familie is van oorsprong uiteindelijk ook Italiaans, zoals we nog zullen zien).

  • Uit de serie: Oorsprong en betekenis van de naam Fasol 12 – 3 – 4

Post to Twitter Post to Facebook Post to LinkedIn

Mooie toespraken bij afscheid Harry Mulisch

Bij de herdenkingsbijeenkomst van Harry Mulisch, vandaag in de Amsterdamse Stadsschouwburg, waren enkele mooie toespraken te beluisteren. De laatste drie, van Marcel van Dam en van dochters Frieda en Anna Mulisch waren doordacht, emotioneel en onderling ook heel verschillend. Die laatste drie toespraken van de bijeenkomst zijn te zien op onderstaande video.

Ook memorabel: Reinbert de Leeuw en Louis Andriessen die quattre mains Schubert spelen, en de prachtige beelden van de paarden van Marrum, op de muziek van Tristan und Isolde, door de zee op weg naar verlossing.

Post to Twitter Post to Facebook Post to LinkedIn

Twee schrijvers en hun verhaal

Binnen  24 uur overleden twee grote schrijvers: Harry Mulisch en Ted Sorensen. 

De dood van Mulisch, op 30 oktober, kwam tot ons zoals dat alleen bij de zeer groten gebeurt: met onbevestigde berichten, dit keer veroorzaakt door een voortijdig geplaatst bericht op teletekst. 

“Het feit dat ik sterfelijk ben, moet eerst maar eens bewezen worden”. Die stelling van Mulisch’ is dan nu gelogenstraft. Maar het geniale zit hem er natuurlijk weer in, dat hij het bewijs van zijn ongelijk niet zelf onder ogen hoeft te zien. En hij was zelf de laatste om zijn genialiteit te ontkennen. 

Mulisch was door zijn afkomst (zoon van een collaborateur en een nazislachtoffer) de verpersoonlijking van het leed van de Tweede Wereldoorlog. Hij vertegenwoordigde zelf het verhaal waar hij zijn leven lang aan schreef. En dus máákte Mulisch van zijn leven een verhaal.  

In mei van dit jaar verrichtte Mulisch nog de eerste slag van een herdenkingsmunt ter gelegenheid van het 150-jarig jubileum van de Max Havelaar. Daarmee bracht één van de grootste schrijvers van de 20e eeuw een hommage aan één van de grootste auteurs van de 19e eeuw, Eduard Douwes Dekker. 

Minister van Financiën De Jager zei in zijn speech, dat er maar weinig boeken zijn, die met een lidwoord worden aangeduid: De Max Havelaar, De Camera Obscura, De Gijsbrecht. En hij voegde daar De Siegfried aan toe, wat Mulisch ongetwijfeld zal hebben gestreeld. 

En zo kom ik bij speechschrijver Ted Sorensen, de man die Mulisch zal ontmoeten bij zijn ontdekking van de hemel. Een groot schrijver, maar in bijna alles Mulisch’ tegenpool. 

Sorensen geldt als de geestelijke vader van speechschrijvers in de moderne tijd. Als speechschrijver van John F. Kennedy schreef hij enkele van de meest invloedrijke toespraken van de 20e eeuw. 

En zoals het een speechschrijver betaamt, deed hij dat onopvallend. Hij schreef niet zijn eigen verhaal, zoals Mulisch deed, maar hij schreef achter de schermen aan het verhaal van een ander. Sorensen heeft altijd volgehouden dat Kennedy’s bekendste zin: “Ask not what your country can do for you…” van JFK zelf was. Zo hoort dat. Maar ‘Profiles in Courage’, het boek waarmee Kennedy de Pulitzerprijs won, kwam uit Sorensens pen. 

Sorensen kon zijn verhaal niet afschrijven, zoals Mulisch dat wel kon. Niet omdat híj vroegtijdig stierf, maar omdat zijn hoofdpersoon dat deed. “I do not know whether I have ever fully recovered from John F. Kennedy’s death,” schreef Sorensen. “Time passed. Love and laughter helped. But the deep sadness of that time remained, only to be reinforced five years later by the murder of his brother Robert. Those two senseless tragedies robbed me of my future.” 

Sorensen werd vóór zijn dood beroofd van zijn toekomst; Mulisch na zijn dood van zijn verleden. Hun verhaal is nu voltooid.

Post to Twitter Post to Facebook Post to LinkedIn